Potosi

De grootste stad van Zuid Amerika, ooit...

Potosi is de hoogst gelegen stad ter wereld (4090 m. ca 180.000 inwoners, gegevens 2015) en ligt in de zuidelijke Altiplano van Bolivia waar de steppe overgaat in de koude woestijn. Het heeft een hard klimaat en een bittere geschiedenis. Rond 1650 was Potosí met bijna 200.000 inwoners de grootste stad van Zuid Amerika en net zo groot als Londen en Parijs. Ze dankte haar rijkdom aan het zilver uit de Cerro Rico (rijke berg) dat in de koloniale periode (1545-1825) door de mijnwerkersslaven werd gedolven. 8 Miljoen Indianen en Afrikaanse slaven kwamen in de mijnen om. Het zilver verdween naar Spanje. Eind 1800 daalde de zilverprijs en ging Potosí bijna geheel ten onder. Ten tijde van de Boliviaanse onafhankelijkheid (1825) waren de zilveraders nagenoeg uitgeput.

Tinbaronnen

Tin werd het belangrijkste exportproduct. Rond 1900 waren de mijnen in handen van de zgn. tinbaronnen die daarmee in feite de economie van het land beheersten. Opnieuw kon de Boliviaanse bevolking niet profiteren van de gigantische winsten. Na de nationale revolutie van 1952 (geinitieerd door de mijnwerkers) werden de mijnbouwondernemingen genationaliseerd en ondergebracht in een staatsmijnbouwonderneming (de coöperatie Comibol). De arbeidsomstandigheden verbeterden aanzienlijk. In 1985 beleefde Bolivia de ernstigste economische crisis, de ineenstorting van de tinprijs op wereldmarkt betekende het einde van Comibol. 23.000 Mijnwerkers kregen ontslag, 7.000 hielden hun baan. In 1994 sloten de laatste staatsmijnen, nu zijn er alleen nog enkele particuliere ondernemingen en coöperaties.

Van generatie op generatie

Er wordt nu voornamelijk zink, tin, lood en wat restjes zilver gedolven. Via honderden mijningangen wordt gezocht naar de kostbare delfstoffen onder omstandigheden die niet veel zijn veranderd. Er is geen geld om te investeren. Omdat er weinig andere bronnen van inkomsten zijn (landbouw is vanwege het klimaat bijna niet mogelijk) en omdat het beroep vaak overgaat van vader op zoon, blijft men naar de mijnen gaan. Op zoek naar die ene zilverader.

Want je kúnt in een klap rijk worden...

Op de kaart